platenblad

 


Platenblad
verschijnt 8x per jaar en is het blad voor de platen/cd verzamelaars!
Samenstelling en redactie: René van Kaam

Voor info en abonnement : platenblad@planet.nl


In het laatst verschenen nummer (250)
David Bowie in de jaren 60
Rory Gallagher
Het Regal Zonophone label
I.M. Maarten Stoopendaal
Os Vampiros en meer Portugese liedjes
De beste albums van The Go-Betweens
Kralingen festival
Etnische folkrock

en natuurlijk alle vaste rubrieken zoals:
-Psychoplaatjes (door Hans van Seydlitz)
-De omgevallen Platenkast (Johan Peels inspecteert een verzameling)
-Muzikalia (door Jimmy Tigges)
-Alwaar de schoen wringt…(door Abel Schoenmaker)
-Vinyl touch (door Sytze Boorsma)
-Wow & flutter (door Wiebren Rijkeboer)
-Amerika correspondent Evert Wilbrink

In Platenblad wordt door muziekminnende medewerkers uitgebreid teruggeblikt op bands, artiesten, labels, stromingen enz. uit voornamelijk de jaren 60, 70 en 80.
Voor recensies door Platenblad’s René van Kaam van recentelijk verschenen lp’s die doorgaans minder aandacht krijgen zoals deze hieronder naar www.platenblad.wordpress.com

Met haar – als ik goed heb geteld – achtste reguliere album heeft de New Yorkse groep The Men weer een plaat gemaakt die muzikaal alle kanten opschiet.
De lp gaat van start met Cool Water, dat begint met een orgel en rustige, melancholische en met harmoniezang opgetuigde countrypop laat horen. Maar daarna gaat de band echt los met het aanzwellende gitaarloopje in de fade-in van het meer dan 10 minuten durende Wading In Dirt Water, waarin na ongeveer vier minuten een – boven het door orgel, bas en drums uitgevoerde stampende basisritme – opwindende, piepende en gruizige Neil Young-achtige gitaarsolo uit de speaker klinkt. Op het slechts door piano begeleide Fallin’ Thru lijkt het wel of we naar een getormenteerde nachtclubzanger luisteren.
Op kant 2 staan vier nummers. Die gierende elektrische gitaar is weer terug – dit keer met een synth-keyboard dat een uiterst simpel tweetonig riffje laat horen – in de pure jaren zeventig rocksong Children All Over The World. Het landelijke huppel-countryliedje Call The Doctor wordt gevolgd door de heftige hardrock van Breeze, waarvan de eerste noten op gitaar sterk doen denken aan Radar Love. Besloten wordt met het bijna fluisterend gezongen, ingetogen Mercy, een kampvuurnummer dat me doet denken aan de meer intieme songs van Howe Gelb (Giant Sand).
Met Mercy hebben The Men kortom een even eclectisch album gemaakt als hun vorige plaat Drift uit 2018. De critici hebben het daar maar moeilijk mee, waar ik niets van begrijp. Heerlijke lp!

(René van Kaam, 28 februari 2020)